Economische groei valt tegen door onzekerheid: 'Net geen sprake van stagnatie'
In dit artikel:
Het bruto binnenlands product van Nederland groeide in de eerste drie maanden van 2026 met 0,1 procent ten opzichte van het vierde kwartaal, meldt het CBS. Deze magere groei wordt vooral toegeschreven aan wereldwijde onzekerheid — denk aan handelsconflicten en het oorlogsdreigende klimaat in het Midden-Oosten — terwijl uitvoer tegenviel en binnenlandse overheidsuitgaven, investeringen en voorraadaanpassingen positief bijdroegen.
CBS-hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen omschrijft de situatie als “matige groei” en stelt dat het nog geen recessie is; dat vraagt meerdere achtereenvolgende kwartalen van krimp. Hij waarschuwt wel dat het Midden-Oosten-conflict op termijn grotere effecten kan hebben, onder meer via verlaagd consumentenvertrouwen.
Kerncijfers: investeringen in vaste activa stegen 0,7 procent, vooral door aanschaf van vliegtuigen en machines; overheidsconsumptie nam met 0,5 procent toe (onder andere zorg en lonen). Huishoudelijke bestedingen waren op hetzelfde niveau als in het voorgaande kwartaal; meer uitgaven aan kleding en voeding maar minder aan vervoermiddelen en brandstof. De uitvoer daalde q/q met 0,6 procent (goederen -1,2%), met name minder export van machines en transportmiddelen — deels gekoppeld aan lagere afzet naar VS en China en aan Amerikaanse tarieven.
Op jaarbasis groeide de economie 1,2 procent. De grootste drijfveren waren voorraadveranderingen en hogere overheidsuitgaven; overheidsconsumptie was 2,7 procent hoger, huishoudens +0,6 procent, investeringen +1,5 procent. Import steeg sterker (+2,3%) dan export (+1,4%), waardoor het handelsbalanssaldo een remmende rol speelde. Sectoren die het meest bijdroegen vonden zich vooral in overheid en zorg, handel, horeca en transport/opslag.