Meer vrouwelijke statushouders moeten aan werk: speciale aanpak in gemeenten
In dit artikel:
Het kabinet start in tien gemeenten een gerichte proef om vrouwen met een verblijfsstatus sneller aan werk te helpen. Minister Thierry Aartsen wil dat nieuwkomers, mannen en vrouwen, zo vlot mogelijk deelnemen aan de samenleving; werk bevordert integratie, taalleren en vermindert afhankelijkheid van uitkeringen.
Statushouders zijn asielzoekers met een verblijfsvergunning; tussen 2014 en 2024 kregen ongeveer 70.000 vrouwen deze status. Slechts 22 procent van hen heeft momenteel betaald werk, tegenover ruim de helft van de mannen. Wel is er een lichte verbetering: het aandeel werkende vrouwen steeg van 17 procent in 2022 naar 22 procent in 2024.
Oorzaken zijn vaak gebrek aan werkervaring en relevante vaardigheden, moeite met combineren van zorgtaken en werk, en minder vaak begeleiding bij de arbeidsbemiddeling, waardoor vrouwen vaker langdurig een bijstandsuitkering hebben.
De proef loopt in Amsterdam, Rotterdam, Utrecht, Nijmegen, Enschede, Leiden, Zwolle, Alphen aan den Rijn, Barneveld en De Liemers en volgt een methode van de Hogeschool Arnhem-Nijmegen. Belangrijke elementen zijn groepsgewijze begeleiding en hulp bij het ontdekken van talenten en werkpassies. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid financiert de proef, met de intentie om de aanpak later uit te breiden.
Daarnaast leiden al tientallen bedrijven statushouders op of nemen ze in dienst (onder meer Heijmans en TenneT). Een coalitie van grote werkgevers onder de naam Tent Nederland belooft de komende jaren duizenden plekken; eerste resultaten worden binnenkort gepresenteerd.
De Oranjezomer: Theo Janssen ziet Oranje-speler basisplek kwijtraken: ‘Daar moet hij voor vrezen!’