Tegenslag voor Utrechts stroomnet: broodnodige gasgeneratoren mogelijk te laat
In dit artikel:
Netbeheerder Stedin zette deze zomer gasgeneratoren in als noodoplossing tegen een overbelast elektriciteitsnet in de provincie Utrecht, maar de plaatsing loopt vertraging op. De installaties—bedoeld als piekvermogen dat alleen bij extreem hoge vraag wordt ingezet en naar verwachting tien tot vijftien jaar blijft staan—moeten volgens planning in de winter van 2026 beschikbaar zijn. Uit stukken die deze week met de Tweede Kamer zijn gedeeld blijkt echter dat dat onzeker is: van zes geplande generatoren wordt de inzet van één als niet haalbaar gezien voor die winter, en van de overige vijf (samen goed voor 48 MW, genoeg voor tienduizenden huishoudens) is het “onwaarschijnlijk of te onzeker” dat ze op tijd werken.
Stedin bevestigt dat de projecten doorlopen, maar dat de planning problematisch is. De belangrijkste blokkade zijn langlopende vergunningprocedures en andere locatie-uitdagingen, waardoor aanleg en ingebruikname vertragen. Netbeheerders hebben eerder al geklaagd over deze knelpunten bij de uitbreiding van het elektriciteitsnet.
De vertraging heeft concrete risico’s: zonder de generatoren kan het net in een groot deel van Utrecht overbelast raken. TenneT, beheerder van het hoogspanningsnet, verwacht geen acute ongevallen in de winter van 2026, maar waarschuwt dat bij storingen onder zware belasting extra ingrepen nodig kunnen zijn. Als laatste redmiddel kunnen grootverbruikers tijdelijk worden afgeschakeld om verdere schade aan het net te voorkomen; een maatregel die men zo veel mogelijk wil vermijden. Ook het oproepen van huishoudens om vrijwillig minder stroom te gebruiken wordt genoemd, maar dat heeft geen gegarandeerd effect.
Naast noodgeneratoren willen netbeheerders en energiebedrijven vóór de winter extra maatregelen nemen, zoals grootschaliger plaatsing en sturing van thuisbatterijen die bij piekbelasting ontlastend werken—een methode die op enkele plekken al is getest. Hiervoor is echter geld nodig: grootverbruikers en particulieren met batterijen moeten worden betaald voor het verlagen van verbruik of het leveren van stroom. Netbeheerders vragen het ministerie van Economische Zaken en toezichthouder ACM financieel “comfort” te geven; exacte kosten van de voorgestelde maatregelen zijn niet openbaar gemaakt en werden niet met de Tweede Kamer gedeeld.