Vergrijzing onder fietsenmakers en veel e-bikes: fietsreparatie kan weken duren
In dit artikel:
Wachttijden bij lokale fietsenmakers zijn flink opgelopen en snelle reparaties — zoals dezelfde dag ophalen na een lekke band — zijn steeds zeldzamer. In Nederland merken werkplaatsen vooral in het voorjaar en de zomer een piek: zodra het weer beter wordt nemen onderhoudsbeurten en reparatie-aanvragen sterk toe. Fietsenmaker Rik uit de omgeving van Nijmegen zegt dat onderhoudsafspraken vroeger in twee à drie weken konden, maar nu soms zes weken duren; korte reparaties zijn soms nog wel mogelijk maar ook die lopen steeds vaker uit.
De problemen hebben meerdere oorzaken. De branche kampt met een groeiend tekort aan technisch personeel en een hoge uitstroom (onderzoek uit 2023 noemt jaarlijks circa 17–20 procent). Daarnaast maken e-bikes reparaties ingewikkelder: elektronica, accu’s en softwaresystemen vragen meer tijd en specialistische kennis. Het failliet van meerdere grote merken heeft het probleem verergerd omdat hun servicepunten wegvielen en onderdelen soms moeilijk te krijgen zijn. Veel werkplaatsen beperken zich dan ook tot klanten die bij hen gekocht hebben.
Cijfers van de RAI laten zien dat Nederland 24,4 miljoen fietsen telt en dat in 2024 ruim 858.000 fietsen zijn verkocht, vooral e-bikes — een ontwikkeling die druk op onderhoudsdiensten zal blijven houden. Technici zoals Bo van een Utrechtse werkplaats constateren dat het werk steeds meer elektrotechnisch van aard is en dat de werkdruk en stress daardoor toenemen. BOVAG wil het tekort aanpakken door betere en meer lokale opleidingen en extra stageplaatsen, maar vakmensen zelf vrezen dat langere wachttijden het nieuwe normaal zijn, iets wat volgens enkelen al sinds corona speelt en niet snel zal verdwijnen.