Verhoging AOW-leeftijd leidt niet tot eerder stoppen met werken
In dit artikel:
De verhoging van de AOW-leeftijd om de oudedagsvoorziening financieel houdbaar te houden, leidt nauwelijks tot meer mensen die al vóór die leeftijd stoppen met werken. In opeenvolgende cohorten, waarvoor een steeds hogere AOW-leeftijd geldt, stopt ongeveer 20 procent rond het bereiken daarvan volledig met werken. Circa 35 procent werkt daarna nog enige tijd geheel of gedeeltelijk door. Daardoor verschuift de uiteindelijke uitstroom uit werk naar een latere leeftijd.
Ook mensen die vóór de AOW-leeftijd stoppen, stellen hun vertrek gemiddeld uit. In het cohort met een AOW-leeftijd van 65 jaar en zes maanden stopte 39 procent vóór het 65e jaar. Bij het cohort met een AOW-leeftijd van 66 jaar en tien maanden was dat nog 27 procent. De hogere AOW-leeftijd hangt dus samen met langer doorwerken én met later stoppen onder mensen die eerder uittreden. Het uittreedmoment schuift daardoor over de hele linie naar achteren.
Vandaag Inside: René van der Gijp ziet peperdure transferflop: 'Die stap gaat hij niet maken'